Categorie archief: 2012

Kenya Jan. ’13

Zaterdag 1 dec vertrokken voor een “missie” naar Kenia. Vliegen Amsterdam – Nairobi non-stop. Oorspronkelijk gedacht als een project tussen twee Rusland trips maar er kwamen nog wat andere zaken tussendoor.

De ligging van Kenya.Ongeveer op de equator aan de oostkant van Africa. Doel in Kenia was het doorlichten van een mengvoeder coöperatie alwaar de omzet de laatste 3 jaar was gehalveerd. Qua omvang was het al niet spectaculair maar het werd dus nog minder. Nairobi ligt in sektor 4. Nyeri in sektor 1. Ongeveer 2 uur rijden naar het Noorden.

De start was een tweetal overnachtingen in Nairobi in het Silver Springs hotel. Zoals later blijkt, zijn alle enigszins bedrijfsmatige panden in Kenia, en dus ook dit hotel imposant omheind en wordt het zwaar verdedigd middels gewapende wachtposten aan een dubbele poort en een body-scan bij de ingang. Ondanks de late aankomst na allerlei gedoe voordat je er arriveert toch besloten om de volgende dag, de zondag, al vroeg te vertrekken met m’n contact persoon Rien voor een Safari. Om naar het grote park verder naar het noorden te gaan was te kort dag maar het Nationale Park nabij Nairobi was wel passend. Alleen de olifanten zijn er niet, waarschijnlijk is het park voor hen te klein. Aan de stadszijde is het park afgeschermd middels een gaas/prikkeldraad versperring welke onder spanning staat.

Moet ook wel is gebleken want er waren ‘ns ’n stel leeuwen die hun werkterrein uitbreiden tot in de stad en dat vond men niet prettig. In no time waren ze door de bevolking met speren gedood, en dat was weer jammer voor het park. Aan de noordzijde is het park open.

Wij konden gelukkig met de meeste Afrikaanse grote jongens oogcontact krijgen behalve de cheeta. De waterbuffel was indrukwekkend en dan met name de stieren, schijnt naast de hypo de gevaarlijkste te zijn. “Leuk” was ook ’t treffen met de leeuwen, drie mannetjes, of eigenlijk mannen, joekels die compleet volgevreten onder een boom, in de schaduw lagen bij te komen. Waarschijnlijk op dat moment geen trek, niet geïnteresseerd in ons blanken en ook niet in staat om verschrikkelijke dingen te doen. Je raakt onder de indruk van de omvang van de dieren welke al een tijdje in ’n overschot gebied leven. Ook de neushoorn en giraffe zijn enorm. Maar ook de dik-dik gezien (mini-mini reetje) de secretaris vogel (eet heel handig slangen) eland en allerlei schitterende vogels.

’s Avonds was de wens natuurlijk om behoorlijk wild te gaan eten. Dat kon altijd bij de Carnivore. Maar dat is over. Struisvogel en krokodil kan nog (worden op farms geteeld) maar de rest is verboden. Hierdoor is een gevoelige slag toegebracht aan de stroperij. Omdat ik ook liefhebber ben van lopend wild kan ik me daar wel in vinden. Zonder echt wild was het ook lekker en gezellig. Met ’n taxi terug naar het hotel ’s avonds. Nairobi by night is not done. Criminaliteit, opstandelingen, rebellie etc.

Op maandagmorgen vroeg 6 uur vertrokken naar Nyeri en vandaar nog een half uurtje door naar Wakulima, alwaar we een ontvangst hadden gepland met de president van de zuivel coöperatie waarvan de mengvoer coöperatie een dochter is.

De missie delegatie was gevormd samen met een Kenyaanse consultant en specialist op marketing en sales gebied. Een goede vent, Robert met daarnaast de lokale agent van het Nederlandse uitzendbureau die slechts 2 dagen erbij zou blijven maar de opstart en introducties verzorgde.

We begonnen de ontmoeting met een gebed om de goden te verzoeken tot een vruchtbaar onderzoek. De zuiveltak zamelt melk in van de ca 6000 leden van de coöperatie welke een veestapel bezitten van ca 1 tot 10 koeien. Gemiddeld twee koeien. Hoewel het uitgangs materiaal heel goed is, veelal Frysians, leveren ze niet meer dan ’n liter of 10-15 melk per dag. Daar drinkt een gezin van 4-5 personen ook nog eens ruim een halve liter p.p. van op elke dag. Een goede energie bron weliswaar deze volle melk met een procent of 3 aan vet maar wel zo’n 20% van de omzet bij een koe. Bij 10 koeien is dat niet zo’n probleem en als een koe 30-40 liter per dag geeft is het ook minder van belang. Opmerkelijk is dat 80% van de in Kenia geproduceerde melk “opgaat” in thee. Niet alleen een scheutje melk, nee, ’n hele mok gloeiend hete melk met een klein beetje thee. Komt waarschijnlijk vanuit de Britse overheersing in het verleden. Hoe men een volk kan doen lijden….. Overigens met de koffie is het nog erger. Volle mok hete melk en daar doe je een schepje instant koffie bij. That’s it. Daar is koffie niet voor bedoeld geweest toch?

Idee was dus om middels die mengvoeder coop de boeren / koeien van beter voer te voorzien en zodoende de melk productie op te voeren. Niet zo’n gekke gedachte.

Na de kennismaking de fabriek bezichtigd en al veel van de werkwijze en problemen gehoord. Vervolgens een weekplan opgesteld.

Daarna een half uurtje rijden naar Nyeri voor ons hotel: Green Hills. Hier overnachten we dus vier nachten.

Dinsdag boeren bedrijven bezocht maar ook andere afzet kanalen. Leuk om te zien hoe de boeren opereren. Je moet wel alle bestaande wetenschap vanuit Nederland overboord zetten. We zagen boeren met 1 koe, 2 koeien, 4 koeien maar ook een met 10 koeien waarvan de eigenaar ook voorlichter van de coop was en een “zetbaas” op de boerderij had aangesteld. Ook dat was een boerderij op een halve acre oftewel 2500m2. Ca 40 bij 60 meter, en daar woont men ook op. Het was ook het enige bedrijf dat krachtvoer in voorraad had liggen. ’n Paar zakken weliswaar. Opmerkelijk is wel dat men alleen in zakken verpakt en geen bulk, maar ook begrijpelijk gezien het wegennet. Maar wel fatsoenlijke zakken van 70 of 90kg. Die worden dan weer versjouwd door schriele mannekes van 60kg. Eerst van de opzakplek naar het voorraad magazijn en weer opgepakt. Vandaar in de vrachtauto naar verkoopwinkels in de omgeving of direct naar ’n boer. Vanuit die winkels worden ze weer verkocht aan boeren. Er zijn jongens die een brommer/motor hebben van zo’n 100cc en daar pakken zij 2 a 3 van die zakken achterop. Soms 140-200kg. Heel flexibel, weer of geen weer, brengen ze die via allerlei wegen, paadjes en voetpaden naar de boer. Als het geregend heeft en dat deed het in deze regentijd bijna elke nacht/ochtend, dan is die rode aarde spek en spek glad en kleverig. Petje af.

Elke middag, meestal met 4-5 man,  lunchen in ’t Ibis hotel in Karentina. Dat klinkt heel aardig en luxe maar ’t is de enige redelijke plek in de omgeving waar men ons blanken iets kon laten eten. We moeten er wel 25 km voor rijden. Rauwe groenten eten was me al afgeraden. Van de uitgebreide menu kaart leek me een mií grill met chips (frites) het meest veilig en een met keus. Als groente had men een mengsel van spinazie met boerenkool (spinage & kale) met verder ’n lap taai rundvlees, gebakken kippelevertjes met ui, ’n worstje en slappe natte frites. Er lag ook nog een afgepeld, knetterhard gekookt ei bij welke in jus was gedompeld. Nou daar peuzel ik ’n half uurtje over, wegspoelend met een alles verdelgende “zero coke”, en laat beschamend veel achter. De anderen eten iets anders maar op t oog biedt me dat niet veel soelaas.

’s Woensdags loop ik met de produktie manager het gehele order en produktie proces door. Het blijkt dat men geen idee heeft van wat een koe nodig heeft. Op de farm krijgen ze ruwvoer waar niet veel in zit. Nepier grass is het meest voorkomend naast wat maisplanten zonder de kolven en soms wat bananen bladeren waar al helemaal niets inzit. Als je al niet weet wat de koeien aan ruwvoer nutriënten binnen krijgen wordt het al lastiger te bepalen wat de verschillende leeftijds categorieën aanvullend nodig hebben om te groeien, in levensonderhoud te voorzien, een kalf te vormen en daarnaast ook nog melk te produceren. Dat wordt een beetje gegist en uit de literatuur gehaald.

Er zijn natuurlijk wel allerlei ingrediënten op de markt om mengvoer van te maken. B.v. wordt er Kenia en ook in deze omgeving maïsmeel gemaakt voor humane consumptie, de mais wordt bij deze toeleveranciers gebroken, gewalst met walsen stoelen en telkenmale gezeefd. Veelal met chinese installaties. Uiteindelijk is er mooi wit meel. Daarnaast de rest producten maize germ en maize bran. Zeg maar schilfers/barst en de punten. Er zit veel voeder waarde in, energie, eiwit, vet etc. Hetzelfde geldt voor de wheat. Maar nergens kon ik de lab-uitslagen ontdekken evenals van andere grondstoffen. Ergo, optimaliseren is ook niet mogelijk, zeker niet nauwkeurig.

Normaal kun je door voeren van 1kg mengvoer mogelijk 2 tot 2,5 liter melk verwachten. Melk brengt nu ca KES 37 op. (Kenian shilling) ’t Voer kost ca KES 30/kg. Maar als je de nutriënten niet weet van het ruwvoer, niet van de ingrediënten, niet optimaliseert en niet afweegt dan ben je die oorspronkelijke ruwe gunstige rekensom snel kwijt en kiest de boer voor andere oplossingen.

’s Middags produceren we een batch van 1000 kg en wordt er geklokt met stopwatch. Vrijwel alles met de hand. Prachtig om te zien en te doen. Met 6 man een batch produceren. 70kg zakken aanslepen, alles afwegen, ’n gedeelte met de grovere delen malen, mengen en weer in zakken doen. Zo kan men wel 50 ton per dag halen in twee shifts reken ik snel. Da’s ruim 12.000 ton per jaar en dat biedt perspektief.

’s Avonds nog een interview in de stad met een jonge vrouw die 100 boeren had geïnterviewd. Zij durfde niet over straat en terecht, wij zaten in de grote Toyota Landrover. Zelfs dan…. Ze had wel opmerkelijke bevindingen welke we konden gebruiken.

Donderdag bezoeken aan een 3-tal toeleveranciers. Alle mais verwerkers tot maismeel. Uiteindelijk wordt het verpakt tot zakjes van 1kg voor humane consumptie. Onderweg is op de diverse landerijen goed te zien wat Kenia in deze streek zoal voort brengt. Het is een geaccidenteerd terrein met steile hellingen en riffen. Maar overal wordt wat geteeld. No problem. Kennelijk een chronisch gebrek aan grond. De boeren hebben veelal niet meer dan een acre. Is een halve hectare. 5.000 m2. Net genoeg voor 1 koe in Nederland maar daar in Kenia.

Er wordt ook veel koffie geteeld. Frappant is dat koffie boeren pas na 1,5 jaar werden uitbetaald voor hun oogst. Nu is dat terug gebracht tot 1 jaar. Verder natuurlijk de mais, kleine veldjes met grote verschillen in kwaliteit. Wel of geen kunstmest, gespoten?, natuurlijke bemesting, wie weet. Ook rijst wordt er verbouwd, bananen bomen, avocado’s etc. Vruchtbare vulkaan grond! Als er maar water komt. Normaal gesproken twee keer per jaar een regentijd. Twee jaar geleden heeft een regentijd (oktober-december) het af laten weten. Ja als de zon bakt dan is het er warm op de evenaar zelfs op 1800 meter hoogte.

Bij Nairobi, enorme velden van Del Monte ja van de ananassen. Duizenden hectares. Dicht bij ’n flinke rivier, dus water genoeg. Maar daar hebben de boeren niks aan.

’s Avonds wat voorbereiden voor vrijdag, een presentatie aan het management van de zuivel/mengvoer coop.

Vrijdags vroeg op. 9 uur presentatie. Volgens goed Kenyaans gebruik wordt dat dus 10 uur. Tijd is een rekbaar begrip.

Men beschikt over een beamer dus Robert en ik kunnen professioneel van start Robert. Voor de zekerheid ook maar wat op papier voorbereid. Maar niet voordat vanuit een kring Gods zegen is afgedwongen als dat al kan. De coordinator Gerald van de zuivel coop doet een welkomstwoord. Hij is de voormalige directeur maar een nog meer voormalige boer en dat is hij nog steeds parttime.

Ik bijt de spits af weet niet waarom. In een half uur zijn de oortjes rood. Robert, zoals een goede salesman betaamt praat met gemak een uur vol.

Hij besluit met een uitspraak van Eisenhower, waarvan de kern is, dat integrity de belangrijkste eigenschap bij leadership is, of je nou in een “gang” zit, een voetbalteam, of een mengvoer producent. Maakt niet uit.    Daar zit wel wat in!

Vragen zijn er niet of het is not done om vragen te stellen. Dan zeg je ook dat de presentatoren niet duidelijk zijn geweest. Anthony, de production manager doet een kort dankwoordje en hoopt op krachtige ondersteuning bij het oppakken van de voorzetjes.

Daarna is het woord aan de chairman / president. Hij verbaasd zich er over dat in enkele dagen intensief onderzoek de zere plekken zo zichtbaar zijn geworden. Hij onderschrijft de resultaten zowel als de Eisenhower stelling.

Na nogmaals een verzoek in Gods richting om kracht, wijsheid en volharding bij de realisering van de nieuwe doelstellingen, welke ook wel nodig zullen zijn, drinken we voor ’t laatst echte Keniaanse thee en koffie met een originele chocolate muffin.

We lopen ook nog de voorzitter van de coöperatie tegen het lijf en twee vice voorzitters. De voorzitter wil gelijk maandagochtend een uitgebreid verslag van de bevindingen. Tussen de regels begrijpen we dat nogal wat politiek bedreven wordt. Net een echte coöperatie. ’t Mengvoer is natuurlijk nog geen melkkoe geweest. Er zijn altijd stromingen voor en tegen.

Na uitgebreide dankzeggingen nemen we afscheid met de vermelding dat men uitziet naar het eindrapport.

Advertenties

Opnieuw ’n Beregoeietijd. Sept 2012

2 jaar na dato alweer, ’t reisje van de Survival groep naar Canada, we waren weer ’n keer bij elkaar. Het is telkens een goed weerzien. Destijds op de afscheids bijeenkomst bij de Slof in Vorden medio april 2009 kregen we een mooie koperen goulash pot aangeboden. Begin 2010 toen er al wat voorzichtige plannen waren om met de gehele groep naar Canada te komen hadden we nog een soort van try-out, of instructie avond toen we eens ’n paar weekjes terug waren. Met z’n allen constateerden we nog wat ontwerp foutjes waardoor nog een nadere studie nodig was om de “pot” te vervolmaken. Na diepgaande studie werd besloten om een nieuwe te produceren maar dan uit RVS, allemaal te veel eer voor ons maar het moest gebeuren. ’t Was nog lastig om de grote pot mee te krijgen. Maar Paul is ’n luchtkrijger pur sang, is overal al naar toe gevlogen en zei: “Den breng ik wal met aw komt!” Nou dat stond. Het had wel wat voeten in aarde maar het lukte. In september 2010 stond de hele groep ineens op Blue Lake in de Canadese Rocky Mountains en……. werd de goulash pot overhandigd.

De formele overhandiging van ’t verbeterde ontwerp.

 

 

Marcel wilde hier nog wat touwhindernissen doen, Frank deed de toespraak en Paul legt het vast.

In 2010, twee mooie weken, kennis gemaakt met de geweldig samenwerkende groep. Ze kozen samen ’t kleinste “bunkhouse” op advies van de dames in het gezelschap. Hetgeen achteraf een hele goede keus bleek. In Canada helaas geen tijd gehad om nog eens zo’n potje te koken met het verbeterde ontwerp met deze groep. In eigen gelederen hadden we dat al wel eens gedaan. Dus moest dat later nog maar eens gebeuren.

Nu we weer op het oude honk terug zijn de groep verzocht om ’n keer deze kant op te komen, met name om ” ’t ter nog eens over te hebben”! De goulash pot was een mooie aanleiding.

Dat was dus zaterdag avond, de 8st September j.l.. We konden het met het weer niet beter treffen. Een lange warme nazomer avond, met de wind uit de goede hoek, een lekker kampvuur, ’n biertje en natuurlijk de Hongaarse Goulash pot.

Riny kreeg ’n prachtig bouquet aangeboden en omdat men ’n gat in de drankvoorraad vreesde teweeg te brengen werd mij de aanvulling aan drank aangeboden. Nooit weg natuurlijk.

Een boeiende creatie!

Dat zat niet in ’t plan maar een mooi gebaar. Belangrijker bij zo’n goulash sessie is dat ieder wat ingrediënten meebrengt en dat deze samen gesneden worden en dan in de grote pot. Hemmie zondigde hiertegen. Hij had zich aangeboden voor het vlees en dat bij de slager al laten snijden. ’t Zij hem vergeven. Vlees is natuurlijk ’n gevoelig bederfelijk product en dan zijn veel handtastelijkheden niet zo gewenst. ’t Goede was wel dat ’t vlees van ’n heel goede kwaliteit was. Daar heeft ie wel wat bijgezegd tegen de slager denk ik zo…..

Na ’t snijwerk alles in de grote pot en op een zacht kampvuurtje lekker gaar laten pruttelen. In de tussentijd zijn zover ik weet alle wetenswaardigheden van toen, nu en voor de toekomst de revue gepasseerd.

Rond ’t vuur was het gezellig. Zodra ’t donker wordt en de maan verschijnt, met ’n paar drankjes worden de verhalen sterker. Da’s genieten.

“t onderwerp van de avond natuurlijk is de goulash pot.

Elke kwartier werpt iemand ’n blik in de pot. ’t pruttelt nog. Roeren mag niet en de wilgentak zorgt dat het niet aanbrandt??

Geconcludeerd mag worden dat alle verse groenten, uit de diverse Achterhoekse moestuinen, de Meddose aardappelen (50% kwam uit Meddo), en ’t malse vlees hebben geleid tot een heerlijke en gezellige smul avond.

We danken jullie allemaal voor de geweldige invulling van deze avond, de gestes, de meegebrachte ingrediënten en de warme gezelligheid. Kortom een beregoeietijd!!

Bedankt! Riny en Leo

ps.

Bij ’t overscheppen van de resttanten en het schoonmaken van de pot geconstateerd dat er eigenlijk niks is aangebrand. De middelste 20cm van de bodem bevatte wel een beetje ’n iets vast zittend laagje maar dat ging er met een houten spateltje zo af. Dus of zo’n wilgentak werkt??….. ik weet het niet 🙂

 

 

 

 

New start……from Russia with love? !

Ja een beetje vreemd natuurlijk. Voorheen verhalende vanuit ’t verre westen van Canada en ’t land van m’n dromen, zover je nog dromen mag, nu uit Rusland. ’n Sterke overeenkomst is echter dat het (ook) een onmetelijk groot land is. Sterker nog: 2x zo groot als Canada. Statistieke verbazen wel eens. Rusland ca. 140 miljoen inwoners. 8,3/km2 Ongeveer evenveel als…..als Nigeria, alhoewel het voor Nigeria onduidelijk is, er zijn ook tellingen van 175 miljoen mensen. Dat zijn er 190/km2. Ja hoe kom je erop. In Nederland wonen er ca 410/km2

Canada 32 miljoen met (3,5/km2)  ( en half zo groot als Rusland) maar wel 2e op de ranglijst qua grootte. 70% van de Russische bevolking woont in het “Europese” deel. Zo’n 100 miljoen mensen. Dus verderop is het wat rustiger.

Ik heb nu dus een “klusje” in Liski 600 km zuidelijk van Moskou. Men zegt dat Liski 100.000 inwoners heeft??? Ik weet het niet.

Dichtstbijzijnde vliegveld (van voldoende grote maar toch klein en krakkemikkig) is in Voronezh. Dat is wel veel groter dan Liski.

Afstand Moskou - Voronezh ca 500km of 'n uurtje vliegen met een Saab 2000.
Afstand Moskou – Voronezh ca 500km of ’n uurtje vliegen met een Saab 2000.

Ruim een miljoen inwoners. Maar dat tellen is hier lastig. Heb niet het idee dat men daar van iedereen z’n vaste woon- en verblijfplaats weet. Daar hebben ze dan volkstellingen voor.

M’n taak is hier de project coordinatie uitvoeren bij de bouw van een fikse Premix-fabriek. (toevoegingen voor veevoer (vitaminen, sporenelementen, mineralen, etc) voor kippen, varkens en rundvee.) Dat doe ik voor een Nederlands bedrijf dat weer een opdracht heeft van een ander Nederlands bedrijf met een Russische dochter in Moskou (Trouw Russia) Zo’n beetje de helft van de tijd ben ik hier of daar. Week op week af zoals dat heet! Nu de vaste uitvoerder er niet is ben ik er wat langer om z’n taak ook even waar te nemen, was niet de bedoeling maar ja het werk moet door.

Normaal ’s maandags vertrek om half zeven vanaf huis omdat er om half 11 in Dusseldorf wordt opgestegen naar Domodedovo in zuidelijk Moskou, gezeten in een Airbus A-320 van Air Berlin.

Onderweg de tijd 2 uur verder zetten om vervolgens om half vier s’ middags aan te komen. 3 uur vliegen dus. Om 18 uur vlieg ik nog een uurtje met een Saab 2000 door naar Voronezh. Daar staat m’n chauffeur te wachten als ik het hem van te voren heb verteld en rijden we in twee uur naar Liski.

Inmiddels na 8 retourtjes, en de nodige visum probleempjes heb ik dat deel van het avontuur wel gezien. Altijd warm, geen fatsoenlijk eten en drinken, veel wachten, gemiddeld toch zo’n 15-16 uur onderweg. Vertragingen, rond Moskou hangt er altijd wel een dikke onweersbui waarom ze niet kunnen opstijgen. Onderweg kunnen de Russen ook ontzettend bureaucratisch zijn evenals de Duitsers. Anderzijds verwerken ze vreselijke veel mensen op zo’n luchthaven en moeten er wel oplossingen worden gevonden anders zit de luchthaven zo vol dus ook een fout visum wordt opgelost. Heb nog geen steekpenning betaald. Nog nooit ergens. Steekwapens zijn “ze” hier overigens ook niet gek op. Worden zo uit de bagage gevist, en omdat ik geen ruim bagage mee heb kun je al hetgeen niet is toegelaten gelijk dumpen. In Voronezh staat dus m’n chauffeur Oleg klaar, ik hoop telkens met z’n prive auto daar kan hij tenminste mee opschieten. Anders een busje “no racecar” zegt hij dan als ik hem maan om toch maar ’n keer in te halen. Hij spreekt 99% Russisch dus onderweg wisselen we vrijwel geen woord of ultra korte frases.

Het verkeer in Voronezh is ongeorganiseerd. Parijs en Athene zijn daarbij vergeleken strakke keurslijven. Hard rijden door de stad 80-100km/uur, links en rechts inhalen, brommers en motoren zonder helm, ja ik wordt zelfs moraalridder, laat remmen en snel optrekken en dat alles met stinkende Lada type auto’s, onsterfelijk oude ronkende en rammelende diesel trucks, ontelbare overvolle kleine busjes over slechte wegen met grote en soms zeer diepe gaten welke iedereen tracht te ontwijken. Bekenden slalommen gedachteloos van links naar rechts om de plotseling verdwenen putdeksels, diepe gaten en zand bulten etc heen. De chauffeur is in de auto natuurlijk druk met dat alles, maar belt met de ene hand, stuurt met de knie, toetert naar notoire afwijkers en rookt met de andere hand alhoewel ik ‘m dat verboden heb op straffe van ’n strafkamp in Siberië alwaar ik nog een straffe bekende kapo heb zitten. Het is slechts 100 km naar Liski maar meestal zijn we ’n uur stapvoets in Voronezh kwijt in de hitte en nog een uur “snelweg”. Daar leren we nog een ander Russisch fenomeen. Op zo’n 75km wel 7-8 snelheids controles. Voor onze begrippen zijn de boetes laag maar natuurlijk niet voor de locals. M’n chauffeur heeft alle organen nodig om ze van het lijf te houden. Niet de toekomstige productie manager Evgeniy en nu zo’n beetje projectleider heeft een mooie 4WD Jeep en heeft ‘m volgebouwd met app’s (laser detectors, radio, korte golf zender etc) om zich de “niet vaste controles” en de anderen van het lijf te houden.

Uiteindelijk komen we in Liski. Onderweg gigantische graan, zonnebloem, mais, etc velden gezien. Maar geen enkele bewerkings machine boer of boerderij. Later ook vrijwel niet tijdens de oogsten. Wellicht misgelopen.

Op het werk soms leuke confrontaties met de Russen (na verloop van tijd krijg je er toch een relatie mee ook al blijft de taal erg lastig), hun werkmethodieken, (on)mogelijkheden etc. Op technisch vlak kun je elkaar nog veel duidelijk maken. Een beetje slimme rakker heeft gauw door wat je bedoeld. Ook leer je je woorden aan. Woorden als beton, bout, bla bla spreken ze er ongeveer hetzelfde uit met een beetje andere tongval. Ze vinden het geweldig als je het nadoet.

Het is zowiezo een heel trots volk, naar ze zeggen handelen ze niet naar de wet, da’s ’n illusie, alhoewel je natuurlijk nooit openlijk moet saboteren. Ze zijn eigengereid, nemen van vreemden niet snel iets aan. Maar eigenlijk zoals overal, zodra ze door hebben dat je er toch wel iets vanaf weet worden ze handelbaarder. We kennen op het werk ’n zekere Alexander alias ” Der Dieke” zoals m’n Duitse uitvoerder hemt noemt. Is een soort voorman. Vreselijk recalcitrant, altijd oneens, heeft altijd overal commentaar op en per definitie een dwarsligger. Na 5 aanvaringen welke hoog opliepen kon hij weer iets (’n machinedeel) niet vinden op het werk terwijl ik ‘m al 3 keer iets na had gebracht. Ik zei als ik t vind ’n fles Vodka!!. Hij zegt, in front van al z’n “ondergeschikten in het Russisch, maar als je t niet vind krijg ik een fles Brandy. (5x zo duur) Dus ik zeg: Da! Na ’n dag had ik het maar heb het bewaard tot de laatste strofe de volgende ochtend bij de werkuitgifte. Had het bij de bouwkeet neergelegd onder een zeil. Toen alles verdeeld was riep ik nog een keer Alex en trok het zeil weg. Sindsdien kan ik lezen en schrijven met hem. Over de Vodka is niet meer gesproken. Is voor hem wellicht ook een dagloon o.i.d. en ik wil het niet drinken: bocht hier!

Over burocratie bij de “montage firma”. Dat is eigenlijk de firma die al het personeel levert voor de bouw voor de klussen welke niet apart zijn vergeven. B.v. de spooraansluiting dat is een andere club. Electra voeding ook. Maar alle betonwerk, bekisten, staal montage werk, werktuigbouw en electra. Dat doen zij dus allemaal. Voor de lokale aansturing kennen ze 5 nivo’s:

  • Representant van de firma: big shot: Yuri
  • Lokale chef: Albert
  • 4 afd chefs: der Dieke, Nikolay, Oleg, Alexy en eigenlijk nog een paar op andere vakgebieden.
  • Voormannen van de kleine montage teams (3-6 man)
  • De uiteindelijk werkers. Beton timmerlieden, monteurs etc.
Totaal loopt er zo van hun tussen de 50 en 100 man. Meestal werkt de helft. De anderen zitten of er wordt uitgebreid overlegd. Er wordt wat afgepraat hier, soms met een indrukwekkende heftigheid.
Wij communiceren normaal met Albert over benodigde teams. Over de techniek ’n laagje lager. Anders moet het drie keer. Vervolgens hetzelfde ’n dag later nog eens met de voormannen. Die vertel je hoe het precies moet.
Er staan zo’n 20 bouwketen. Een vijftiental dient ook als slaap / schaft gelegenheid. Dus die mensen bivakkeren hier de hele zomer. Er komen grote gezelschappen van St.Petersburg en van Moskou. Ook veel Turkse Russen of omgekeerd.
Een hele reeks slaap en kantoor keten. Sommigen slapen er dag en nacht. Vandaag allemaal verplaatst. Maandag betrekken wij een ruimte in het nieuwe kantoor op de achtergrond.

Het complex hier wordt op een 20ha groot gebied gebouwd vlak bij (25km) een autoweg. De lokatie ligt bij een rotonde een paar km voor Liski naast het spoor. Er komt of er is al bijna een spoor aansluiting voor aan- en afvoer van grondstoffen en producten.

Ja dat is heel wat info ter inleiding, het leukst is natuurlijk hoe het met die Russen gaat. Een paar tips van de sluier al opgelicht. Je moet ze, zoals elk volk wel in hun waarde laten. Wie zijn we als Nederlanders om de les te lezen. Maar we kunnen wel van elkaar leren en dat is maar net welke kant je uit wilt. 12 jaar geleden in de Oekraine zag ik wel dat daar ook ontzettend handige mensen rondlopen die niet dom zijn maar weinig opleiding hebben genoten. Onvoorstelbaar wat ze kunnen met weinig middelen. Daar zullen wij west Europeanen nog wel eens om staan te springen.

Deze coole bak doet het nog steeds. Heb de chauffeur gevraagd hoe oud die is. Voor mijn tijd zei die….. en hij had best veel ervaring….

Als we in Nederland in de grond graven om een kelder te maken of een tank in te graven denk je na ’n halve meter al ernstig na over grondwater met alle mogelijke gevolgen. Bronbemalingen etc volgen snel. Hier graven ze 3 meter diep, 2 meter breed, om een rioolbuis te leggen. Het ligt ’t ’n week open en geen druppel. Men loopt vlak langs de geul en het stort niet in. Er kan een stortbui komen, dan loop je weg. Als het weer droog is ga je kijken en graaft e.e.a. opnieuw uit.

Een facet wat die Russen wel goed beheersen is het aanleggen van ’n spoor.

Met de hand maar wel allemaal eeuwen-oude technieken en hulpmiddelen. Ik heb er geen enkele dikzak bij zien rondlopen. bruin verbrand en afgetraind. Foto’s maken stelden ze niet op prijs.

Geen wonder ook, ’t land telt natuurlijk vele tienduizenden km spoor. En nooit blad op de rails. Vertragingen kent men niet. Vanuit Liski kun je ook met de nachttrein naar Moskou. Dan boek je eerste klas. Is veel duurder dan vliegen maar je hebt geen hotel nodig dus… tel uit. Altijd ’n 2-persoons coupe boeken. ’n 4-persoons heb je met drie russen die de hele avond en de halve nacht Wodka zuipen omdat ze niet kunnen slapen dus jij ook niet met het steeds luidruchtiger wordende gesprek. ’n Eenling lult niet en zuipt misschien. No problem. Zorg dan dat je tegen de voorzijde ligt van de coupe. ’n Trein trekt altijd langzaam op maar kan abrupt wat afremmen en dan lig je op de grond. Vertrek hier om 21:30 en aankomst exact om 7:30 in Moskou. Dat is een ere code. Hoe doen ze dat dan? Nou simpel. De reis duurt slechts ’n uur of acht maar je hebt 10 uur de tijd. Dus onderweg staan ze soms stil maar altijd ook net buiten Moskou vanwaar het nog 15 min rijden is zodat ze precies om 7:30 daar zijn. Da’s Russische planning!!

With love from Russia! Leo

Laatste trip. April ’12

Op dinsdag 6 maart vertrokken we vroeg in de ochtend vanaf Blue Lake Centre richting Vancouver. In twee dagen reden we naar Whistler, via Kamloops en het pittoreske Lillooet, alwaar Martine en Pieter aan het werk waren. Pieter al gedurende een aantal maanden maar Martine was een maandje daar en vond zowaar ook een job in het restaurant waar Pieter werkte. Whistler is voor ’n student ’n prijzig plekje om te leven dus kun je beter iets doen en genieten van de secundaire arbeidsvoorwaarden.

Na een paar uur in Whistler te hebben doorgebracht (bij Martine) zijn we doorgereden naar Vancouver. Aan de noordzijde van de brug hadden we een hotel gebooked. De volgende dag kwamen Martine en Pieter en hebben we een leuke dag samen doorgebracht. Bezoeken aan Stanley Park, Granville Island (hele leuke markt), de Capilano Suspension Bridge in de stromende regen, China Town en wat leuke restaurantjes. Maar goed zij moesten weer werken en wij wilden proberen weer in Nederland te komen dus werd er afscheid genomen. Martine zou 2 weken later thuis komen en Pieter eind mei.

Dus na 4 dagen terug richting Hinton. We wilden nog even bij Julie en Pete langs. De terugreis via de Trans Canadian Highway over een hoge pas, de Coquihalla Highway, daar kwamen we in een sneeuwstorm terecht met behoorlijk wat sneeuw. Na die moeizame passage, weliswaar via Kamloops (alwaar we het hotel afgezegd hebben, maar gelijk doorgereden tot Jasper waar we laat binnen kwamen rijden. We hadden nog een hotel gebooked in Kamloops maar om daar midden op de middag al in te checken….. Ook het laatste stuk door de Rockies slecht weer met behoorlijk sneeuw overlast. Totaal is het zo’n 800-900 km, normaal goed te doen in een dag. In Jasper dus toch maar een hotel gezocht, waar we wel vaker logeerden (Athabasca Inn). Om zo laat nog bij Julie aan te komen?? De andere ochtend met Julie en Pete ontbeten bij ‘ Holliday Inn” waarna via Edmonton, Veronica (nichtje) en Kerry nog bezocht, richting Calgary, Canada, een ervaring rijker, werd verlaten.  Een leerzame leuke tijd.

Natuurlijk grotendeels ongewis van wat te doen. Inmiddels hebben we wel de Canadese Permanent Resident status verworven oftewel “Landed Immigrant”. Dat biedt de mogelijkheid om in Canada aan het werk te mogen. We hebben ook nog wat opties openstaan daar.

Resumerend hebben we genoten van het werk op Blue Lake, het ontwikkelen van de activiteiten aldaar, de goede band en het succes met de vele gasten welke we hebben gehad, de vele vrienden en familie-leden welke we op bezoek hebben gehad, het leren samenwerken met de Canadezen, met de mensen die bij ons werkten. Veel vrienden en kennissen gemaakt. Ook geniet je van het overwinnen van elke bureaucratische bottle-neck, en dat waren er nogal wat. Door de geïsoleerde ligging van Blue Lake konden we weinig integreren met de Canadezen. Ook kwam dat doordat je in de zomer lange dagen hartstikke druk bent en ’s winters je er ook moet zijn omdat anders de boel bevriest maar je ook al weer bezig bent met het volgende seizoen. Je kunt eigenlijk nooit weg. Daar was weinig begrip voor. Ja later over 10 jaar als alles volop bezet is en winst draait.

Nadat onze kids uit huis waren, alle drie studerende in Groningen, hadden we beiden het gevoel nog eens iets anders te willen oppakken. Bij de huidige werkgevers had dat wellicht ook gekund maar dat had ook het idee van het uitzingen van de loopbaan en dat ligt ons beiden niet zo. En dat heeft zo z’n gevolgen.

Canada was wel heel rigoureus maar was ook een ambitieuze optie. Naast hard werken wilden we ook zelf kunnen genieten van het land, tripjes maken, samen genieten, nieuwe dingen leren en ikzelf ook de onmetelijke Canadese wildernis in met groepen en sport activiteiten ontwikkelen. Dat is tussen de regels wel een beetje gedaan maar lang niet conform onze gedachten. Dus je knopen tellen en besluiten om weer wat anders te gaan doen.

Valentijnsdag. Feb. 14th, 2012

” Happy Valentijn “ roept iedereen op zo’n dag als gister. Daar hebben wij als Nederlanders niet zo veel mee. Nog niet althans. Op een andere wijze word ik herinnerd aan ’t slippertje 3 jaar geleden, op Valentijnsdag (14/2/09), in de heuvels ten zuiden van Bristol in Engeland. ’n Uurtje hardlopen rond Crooks peak eindigde met een afgescheurde pees van de quadriceps naar de patella. Gedurende deze 3 jaar heb ik telkenmale wel geprobeerd om weer even hard te lopen. Maar de coordinatie in het linkerbeen liet zoveel te wensen over dat van voldoende progressie boeken nauwelijks sprake was. Maar nu zijn we toch, dankzij de treadmill, ja wie had dat gedacht, een beetje aan het hardlopen gekomen. Inmiddels al enkele keren ’n denkbeeldig rondje Vorden gelopen op de loopband. Een keer op een mooie zondag middag naar Hinton geweest en de Beaver Boardwalk gedaan. Dat was maar een half uurtje maar voldoende om te ervaren dat buiten lopen weer iets anders is dan een loopband. Gister een rondje Jarvis Lake gelopen. De Highway is natuurlijk schoon maar niet echt lekker met die langs scheurende trucks. Daarna de gravel road met 10 cm sneeuwpack en door het bos terug met enkelhoge sneeuw. Al met al voldoende voor ’n uurtje waarvan ik de naweeën vandaag nog wel voel. Maar er is een begin en enige progressie. Riny loopt zo mogelijk nog beter.

De winter “kwakkelt” hier ook maar voort, om het er toch even over te hebben. Afgelopen nacht toch wel weer -22C. Laatste weken weinig sneeuw. De laatste “ruiming” is alweer meer dan een week geleden. Overdag is het rond het vriespunt tegenwoordig. Ondanks het weekje met wat extreme kou (met ’n dip van enkele nachten -44C) in januari is het vergeleken met vorige jaren een relatief zachte winter…….gelukkig. De zon komt alweer wat hoger, net over ons huis heen, dus we hebben alweer enkele keren ’n uurtje buiten gezeten. Ondanks dat toch wel weer wat bevroren waterleidingen en riolen.

Vorige week zondag buiten in de sneeuw rond ons bekende kampvuur ’n BBQ georganiseerd met Julie en Pete en Dillan (kleinkind) en Xhiu (hun Chinese exchange student). Beiden al flinke tieners. Julie had het idee van een buiten BBQ hetgeen uiteindelijk resulteerde in een bijeenkomst rond ons kampvuur.

Dan heb je wel alles bij de hand. Gisteravond wederom met Julie & Pete & Xhiu ’n Valentijns diner genoten bij………..de Chinees in Hinton.

’n Koelkast is niet echt nodig

Afgelopen week naar Edmonton geweest om de bestelde dubbele convection ovens op te halen. De oven welke we hadden was wellicht 30 jaar oud, viel hier en daar uit elkaar, thermostaten deden het niet meer en de temperatuur verdeling in de oven was naadje. Verder nog wat bijkomende kwalen.

Onderweg, tussen Edson en Edmonton, komen we langs ’n bekende buffalo farm. Maar daar lopen ze altijd ’n kilometer of zo van de weg af in een heel groot weiland. Nu zagen we er een groot aantal lopen van een andere farm dicht bij de Highway.

’n Flinke kudde buffalo’s.

Dus even off the road en wat plaatjes geschoten.

Ze worden wel bijgevoerd, moet wellicht ook wel want ze hebben onvoldoende ruimte om verder te zoeken naar verdroogd gras in de winter. Uiteindelijk worden ’t ” bison burgers” en die moeten wel van voldoende omvang zijn.

Nu vlak voor ons vertrek dus eindelijk een nieuwe oven. Op ons kleine aanhangertje kon die wel mee alhoewel ie zo’n 500 kg woog. Met de heftruck geplaatst en goed vast gebonden. Na 25 km alle sjor materialen checken. Als piano snaartjes zo strak. Ik leg toevallig ook ’n hand op de banden en constateer dat de rechter meer dan handwarm is. Op de Harley vind ik dat wel fijn; meer grip bij het bochtenwerk. Nu voelde het niet goed want slechts een van de twee smalle bandjes was goed warm. Van de Highway af en een tankstation gezocht en er “wat wind” bij in gedaan hetgeen hielp. Voorzichtig met 90km/uur verder richting Hinton. Op Blue Lake gekomen de lading met Gordon gelost en de volgende dag met een dolly naar binnen gereden. Op de kant ging t net door de deur. Nu nog samenbouwen en op elkaar zetten. De lokale loodgieter doet het gasleiding werk, en dan proefstoken. Wellicht krijgen we nog een groep waarmee we dit kunnen uit proberen.

Onze native marketing mensen zijn begin dit jaar plotsklaps in het huis naast het onze ingetrokken en inmiddels alweer twee maanden aan het werk om klanten te werven. Zij beloofden heel wat nieuwe klanten maar tot op heden heeft het helaas nog niets opgeleverd.

We zijn onze terugreis aan het voorbereiden. Krijgen alles niet mee in de vliegtuig bagage dus zoeken we wat alternatieven. Ook kijken we hier nog naar wat mogelijkheden. Er zijn wel een aantal leuke B&B’s te koop zowel in Hinton als wel elders in Alberta maar ook in BC. We kijken ook naar wat soortgelijks als nu maar dan met wat meer outdoor opties.

Krijg zojuist een telefoontje van een man uit Grande Prairie, ten einde raad. Wil komend weekend nog uit met z’n geliefde maar kan geen kamer vinden in deze omgeving. Alhoewel we in principe alleen groepen aannemen groter dan 10, heb ik dit stel maar geaccepteerd. Krijg t creditcard nummer etc. Half uur later belt ie terug of ik iets in hun cabin wil zetten hetgeen ik eerst maar half begrijp. Half a dozen of roses and a bottle of Champagne.
Nou dat kan geregeld worden.
Rozen kun je per stuk kopen in town maar ook per bos.

En passant ook een mooie bos thuis.

Dat is pas een Valentijns geste !

Leo.

Het blijft een strijd. Feb 4th, 2012

Denk je dat je goed voor ze bent geweest, is het toch nog niet goed genoeg. Ze willen meer en meer. Al een jaar of 3 helpen we ze de winter en zomer door alhoewel we eigenlijk alleen voor succes willen gaan.

Eigenlijk willen ze het altijd maar gemakkelijker verdienen, maar wellicht is dat de natuur. Waarom makkelijk doen als het moeilijk kan. Energie sparen dat is het steeds. Het is een logisch dierlijk instinct. Als mens weten we wel beter natuurlijk……….

In vergelijk tot de bruisende, energieke en luisterrijke vogelwereld in Nederland is het hier maar stil. ’n Grey Jay en wat (grote) kraaien maar verder zie je hier in de winter niet veel. Die winter duurt hier zo’n 6 maanden. Dan is het ook zo’n beetje wit van eind Oktober tot eind April, ook al is er deze winter relatief weinig gevallen. Het is wel wit en stil. Behalve de grey jay.

Altijd als je even buiten bent komt ie aanvliegen om te zien of er iets te halen valt op een simpele manier. Al snel is z’n vrouwtje er ook (of omgekeerd). In 2010 had ik wat “granola” ingeslagen voor een tripje met de “survival groep”. Idee was droogvoer meenemen om gewicht te besparen.

Geen granola
Geen granola. Gezien dit uitgebluste beeld was wat granola welkom geweest.

Hun antennes waren daar nog niet zo op gericht waardoor zij andere componenten hadden ingekocht. gevolg dat de granola in ’t magazijn ging. ’t Begon wat muffig te ruiken dus input voor de birdfeeder. Dat bleek goed te smaken. Nu denk ik te weten dat kippen geen smaakpapillen hebben (selekteren op kleur) dus voor mij heeft de grey jay dat dus ook niet. Gezien de ambitie aan tafel schijnt dat te kloppen. Dat bleef niet onopgemerkt voor de squirel. Eerst namen zij genoegen met de drop-off op de grond maar al spoedig richtten ze hun blik naar boven. Waarom is me niet duidelijk. Instinkt? Of wilden zij meer en het sneller en gemakkelijker verdienen? Vorig jaar was ik al in gevecht en heb een compleet gladde PVC buis gexefnstalleerd. Had het idee dat ie dat kunstje niet kon. Hij moet met 4 pootjes klimmen en op het laatst een pootje loslaten om de rand te grijpen. Ik denk dan glijdt ie wel weer naar beneden. Maar die fase doet ie dan heel snel voordat de graviteit er vat op heeft en dus slim.

Paalklimmen met een aanloop zag ik.
Hoe ie het doet weet ik niet maar paalklimmen kan ie!!

Vervolgens kijkt ie rond en lacht ons kennelijk uit. Niet lang overigens want het feest aan de top duurt vaak maar kort dus snel zoveel mogelijk eten.

Uiterst irritant want dit voer is niet voor hen bedoeld. We hebben “Overlast” genoeg van deze beesten. Ze komen overal binnen en halen uit elk gaatje alle isolatie materiaal en brengen dit “weg” ergens naar hun nesten onder een grote naaldboom.

Ik moet zien of ik me m.b.t. ’t paalklimmen nog technieken kan eigen maken die deze beesten ook gebruiken. De volgende klimsessie zal ik trachten vast te leggen met een video camera.

Ja hoe deed ik dat 🙂

Het kostte me weer 10 min om een nieuwe hindernis te ontwikkelen.

Ja een nieuwe hindernis. Nu moet ie met twee pootjes de gladde wand van ’t vat grijpen. Dat lukt ‘m nog niet. Ik zeg steeds blijven oefenen!!!

En op halve hoogte aan de PVC paal te bevestigen.

Daar had ie (althans voorlopig) niet van terug.

Maar goed ’t beest blijft niet zitten kniezen. Kijkt rond en ziet nog een birdfeeder. Deze hangt aan een 3mm koordje aan de dakrand. Dat wordt dus touwklimmen langs een strak touw met gewicht naar beneden. Sjit…….blijkt geen probleem te zijn.

Victory!! Nu daar weer een oplossing voor bedenken. heb wel respect voor de natuur inmiddels!

Ja daar zijn we dus best druk mee in de winter. ’n Heel weekend strijd! Na ’n week of wat binnen te hebben gezeten vandaag er even uit. Post halen in Hinton, tanken, ’n paar boodschappen en ’n kop koffie bij Starbucks (’t lokale koffiehuis). Vervolgens een wandeling door de bossen waar het nogal glibberig was. Maar wel genoten van mooi winterweer rond het vriespunt met weer een blue sky en een heerlijk zonnetje. We hebben nog ergens een uurtje zitten “bakken”.

White tails on the run.

Komen we thuis…………….. moeten we eerst alle wild uit de tuin jagen. Bij wijze van spreken. Langs de bosrand ligt weinig sneeuw en valt nog wat te grazen. White tails hebben hun stofwisseling op de winterstand staan. Zijn tevreden met wat droge grasachtige begroeiing. Dat gunnen we hen van harte en zo vervaarlijk zijn ze ook niet.

We hebben ook wel te doen met de mensen in Nederland en spreken ons oprechte medeleven uit. Zo’n ijzige kou is best wel wennen…………………

Leo

Thuisreis maart 2012

Op 28 april 2009 kwamen we met veel goede moed aan op Blue Lake. De ontvangst was Canadees zeiden de toenmalige managers later. Met de winterjas nog aan werd direct begonnen met uitleg over hoe alles werkte en waar alles lag in de ca 25 gebouwen, cabins, restaurant, etc.  De dagelijks verplichtte klusjes etc. In onze relatieve onnozelheid dachten we nog dat dat mogelijk normaal was. Na ’n briefing van 3 uur, ’t was inmiddels 5 uur in de middag, wilde zij weggaan. Jullie redden je verder wel zegt ze nog. Overmorgen komen de eerste gasten. Een groep van 40 man. Ik kon haar nog net bij de jas grijpen en na een kort maar heftig 1:1 gesprekje met haar bleef ze uiteindelijk nog 3 dagen waar achteraf nog grof geld voor betaald moest worden. Het was dus een duidelijk signaal hoe de omgang met hen er langs zou gaan. Nou dat hebben we geweten. (en zij uiteindelijk ook haha)

Dat is nu bijna 3 jaar geleden. Al hetgeen voor de voeten kwam maar gewoon opgepakt. Steun van de eigenaars was er niet, die wisten en weten er helemaal niks van. Wij in het begin ook niet. Maar in een heel korte periode veel zaken opgepakt en geleerd, veel andere dingen gedaan. Veel van de Canadese en Native cultuur geleerd. Dat was ook de bedoeling.

Ook twee pittige Canadese winters meegemaakt en een wat zachtere. Maar ook deze zachtere duurt 5-6 maanden met wat steenkoude periodes. Alhoewel het nu weer sneeuwt blijven de staal blauwe luchten toch bij. Je leeft in en dichter bij de natuur. ’n Blik op de barometer geeft met de wind, wolken, temperatuur en relatieve vochtigheid direct een beeld van het te verwachten weer. Het wordt een automatisme om de forecast te maken.

We hebben op allerlei gebied, in een vreemd land, nieuwe dingen ontwikkeld hier. Je moet het bestaan van vele instanties leren kennen, hen weten te vinden, te plaatsen in deze maatschappij en er vervolgens gebruik van maken. Veel zo niet alles is anders maar ook weer niet. Fiscale aftrekposten en bijtellingen b.v. kent men hier net zo goed. Overheden kijken alles van elkaar af.

Nu hebben we alle spulletjes ingepakt en staat het klaar om te vertrekken. We ontmoeten de komende dagen nog enkele vrienden en Martine hier en gaan dan huiswaarts. We hadden al wat langer wat vrije dagen gepland en daar gaan we eerst van genieten. Kijken of we ons hoofd een beetje vrij kunnen maken van het heftige laatste jaar. Heb er nog geen hoge verwachtingen van.